Copyright H.E. Schoonekamp. Zonder mijn toestemming mogen mijn verhalen niet gekopieerd en/of gepubliceerd worden. Linken mag uiteraard wel.

vrijdag 5 september 2014

Houtwal. Column 2014-34 voor Contact

“Dan kom ik morgenmiddag bij je langs!” Aan de telefoon is een vriendin die ver weg woont en die ik lang niet heb gezien. Ik zeg dat ik dat heel gezellig vind en dat ze me even moet bellen vijf minuten voordat ze er is. Ze zegt dat ze dat zal doen en we hangen op.

De volgende dag haal ik wat lekkers in huis bij de bakker en zorg voor een goede bak koffie. Huis aan kant, ik ben klaar voor het bezoek. Ik plof op de bank neer met een goed boek en vergeet alles om me heen tot ik opschrik van de telefoon. “Ik ben er bijna, waarom moet ik je eigenlijk daarvoor bellen?” hoor ik mijn vriendin zeggen aan de andere kant van de lijn. Ik geef geen antwoord en zeg dat ik haar zo zie. Ik hang op, leg m’n boek aan de kant, pak m’n portemonnee en loop de deur uit naar deparkeerplaats op de Houtwal. Ik koop een kaartje bij een parkeerautomaat en wacht geduldig tot ik de auto van m’n vriendin zie. Ondertussen kijk ik om me heen. Wat een zooitje is het hier eigenlijk. Lege verpakkingen van etenswaren en flesjes drinken liggen op de parkeerplaatsen. Op meerdere plekken hebben mensen de inhoud van hun asbak leeggegooid. Ik snap echt nietwaarom iemand zo het afval van zich afgooit als er ookprullenbakken zijn. Althans… Ik kijk eens goed om me heen en dan valt me op dat er geen prullenbak te bekennen is. Ja, achter de camperplaatsen, maar daar komen gewone parkeerders niet in de buurt. Geen prullenbak is zeker geen reden om afval op straat te gooien, maar het verklaart het afval wel. Waarom staat hier geen prullenbak? En terwijl ik om me heen kijk valt me nog wat op. Er staan namelijk vier parkeerautomaten op dat hele kleine stukje Houtwal. Vier van die dure machines. Ongelooflijk. Ineens snap ik ook waarom het tarief voor parkeren op de Houtwal elk jaar verhoogd wordt. Voordat die vier automaten terugverdiend zijn…

Als ik de auto zie aankomen van m’n vriendin loop ik naar haar toe over de weg. Zwaaiend loop ik haar tegemoet, tot ik m’n enkel verzwik en op de straat val. Al wrijvend over mijn pijnlijke enkel zie ik dat het geen wonder is dat ik hier lig. De weg om de parkeerplaatsen mag amper nog een weg genoemd worden, het zit vol met diepe gaten. Ik sta op en strompel al wapperend met het gekochte parkeerkaartje naar m’n vriendin toe die inmiddels geparkeerd heeft. “Wat doe jij nou?” vraagt ze verbaasd. Ik zeg dat ik al een kaartje voor haar gekocht heb. Waar ik woon mag ze niet parkeren, da’s voor vergunninghouders. En dat mensen die mij willen bezoeken geld moeten betalen, dat voelt niet goed. Dus daarom geef ik haar het kaartje.

De volgende keer wil ik graag waar voor mijn geld. Schone parkeerplaatsen waar afvalbakken staan. Geen gaten in de weg. Of is de Houtwal voor de gemeente Zutphen een Goudwal waar niet in geïnvesteerd wordt, enkel geïncasseerd?

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen